Kinderfysiotherapie

Kinderen leren door te spelen. Door te bewegen en spelen ontwikkelen kinderen hun zintuigen en motoriek. Goed kunnen bewegen is dus belangrijk voor uw kind! Bij sommige kinderen is deze ontwikkeling vertraagd of afwijkend. Dit kan verschillende oorzaken hebben.

De kinderfysiotherapeut behandelt kinderen tot 18 jaar met een achterstand in hun bewegingsontwikkeling of met problemen van bewegingsvaardigheden. Dat kunnen kinderen zijn die moeite hebben om mee te komen op lichamelijk vlak, maar ook op sociaal-emotioneel vlak: als kinderen lichamelijk onhandig zijn, worden ze bij sport en spel vaak buitengesloten. De kinderfysiotherapeut werkt samen met de kinderen en eventueel met ouders en leerkrachten, om ze weer beter te laten functioneren. Daardoor kunnen ze bijvoorbeeld op school weer meespelen, of hebben zij meer kans op succes bij sporten.

Wanneer kinderfysiotherapie?

Baby’s (0-2 jaar)

Centraal in de behandelingen staan ouderinstructie zoals hanterings- en houdingsadviezen. De behandeling wordt in de praktijk of aan huis gegeven.

Baby’s met een voorkeurshouding en evt. afplatting van de schedel ( plagiocephalie)

Moeite met hoofdje optillen/omrollen/kruipen/gaan staan/lopen

Bijzondere voortbewegingsvormen zoals billen schuiven

 

Peuters/ Kleuters (2-6 jaar)

In deze periode kan een achterstand in de (motorische) ontwikkeling duidelijker worden. Het kind kan moeite hebben met lopen, rennen, springen, klimmen en klauteren. Een afwijkende stand van de voeten of benen, veel struikelen of vallen en op de tenen lopen kunnen reden zijn om advies te vragen bij een kinderfysiotherapeut.

Motorische achterstand

Bewegingsangst

Onhandig, veel vallen

Moeite met tekenen en knutselen

 

Basisschool leeftijd (4-12 jaar)

In de schoolleeftijd is de motoriek een belangrijk onderdeel van het sociale gebeuren op school, met vriendjes en leeftijdsgenootjes. Het kan zijn dat het kind op het schoolplein en tijdens de gymnastiek niet goed mee kan doen met de bewegingsspelletjes. Het kind kan zich terugtrekken of faalangstig gedrag vertonen en verminderd zelfvertrouwen hebben. Voor het testen van de motoriek maakt de kinderfysiotherapeut gebruik van de ABC-2 movement test.

Schrijfproblemen

Niet mee kunnen komen met gymles

Orthopedische problemen

 

Oudere kinderen (12-18 jaar)

In de periode van de groeispurt en de puberteit vinden er veel lichamelijke veranderingen plaats. Houdingsafwijkingen gepaard met hoofdpijn, nek- en rugklachten komen in deze periode vaker voor. Daarnaast kunnen er tijdens het sporten sneller overbelastingklachten optreden.

 

Bewegingstherapie

De behandeling bestaat vooral uit bewegingstherapie. Hierbij leren kinderen hun motorische vaardigheden verbeteren en ontwikkelen. Dat gebeurt op een manier die aansluit bij hun belevingswereld en hun verwachtingen, en met kindvriendelijke materialen.

Tijdens de behandeling informeert de kinderfysiotherapeut de ouders zodat deze hun kind kunnen steunen in de ontwikkeling van nieuwe lichamelijke vaardigheden.

Veel klachten en zorgen van ouders op het gebied van bewegingsproblemen kunnen ook andere oorzaken hebben. De kinderfysiotherapeut heeft daarom vaak contact met de huisarts, de kinderarts of andere behandelaars, zoals een logopedist, kinderpsycholoog of pedagoog.

De Nederlandse Vereniging voor Kinderfysiotherapie (NVFK)